Angelique Schwarze is sinds augustus 2016 wijkagente van het gebied Houten Zuidwest. Ze vertelt over haar rol als wijkagente, de rol van de media tegenover het politiewerk en haar ervaringen.

Waarom bent u wijkagente geworden?

‘Tien jaar geleden kwam ik erachter dat ik de andere kant van het politiewerk wilde zien. In het begin wilde ik alleen maar de straat op. Ik verleende toen noodhulp, oftewel de eerste hulp. Als je melding klaar was ging je weer door naar de volgende. Ik wilde niet alleen maar een pleister plakken. Ik miste diepgang in mijn werk. Toen besloot ik om wijkagente te worden. Nu ben ik meer bezig met de achterliggende problematiek en structurele oplossingen bedenken.

schwarze

Wijkagente Angelique Schwarze (Bron door: Politie Houten)

Op welke momenten haalt u voldoening uit uw werk?

‘Ik ben altijd blij als iemand wordt teruggevonden die eerst vermist was. Er is een jaarlijks evenement waarbij achterblijvers van vermiste personen bij elkaar komen. De verhalen zijn hartverscheurend. Dat de achterblijvers soms dag en nacht op zoek zijn naar hun familielid of vriend. Maar het moment dat je hen kunt vertellen wat er met die vermiste persoon is gebeurd, of het nou goed- of slecht nieuws is, geeft mij zoveel voldoening. Ik kan hen duidelijkheid en rust geven. De achterblijvers kunnen het eindelijk afsluiten.’

Wat zijn de meest heftige momenten in uw carrière? 
‘Ik heb aardig wat woningbranden meegemaakt. Helaas ook branden met dodelijke slachtoffers, waarvan één keer kinderen bij betrokken waren. Dat vergeet ik nooit meer. En je weet dat je niet naar binnen kunt. Dat heeft geen nut want dan lig je er misschien wel naast. Maar dat gevoel van machteloosheid is vreselijk. En dan zie je dat de lichamen naar buiten worden gedragen. Dat is voor mij en de brandweer killing. Juist omdat mensen je naar binnen willen duwen. Ze willen dat je wat doet, maar je kunt niks doen. Die druk is heel moeilijk.

‘Ik heb ook een keer geholpen bij een aanrijding van een oude man. Hij was tegen een boom gereden. Ik had gewoon een gesprek met hem. Hij had wel last van zijn benen maar niks serieus. Hij vroeg zelfs of ik zijn vrouw wilde bellen. Toen kwam de ambulancedienst. Ze knipten de auto open en even later vertelt de ambulancebroeder mij dat de man was overleden. Het moment dat de beknelling werd los gemaakt, ontstond er een interne bloeding. En het enige wat ik dacht was: “Hè, dat kan niet. Ik sprak hem net nog”. Ik kon het gewoon niet plaatsen. Zo snel kan het dus gaan.’

Hoe verwerkt u dat?
‘We hebben een opvangteam. Na een ernstig delict komen de mensen die betrokken waren bij elkaar. We praten dan over wat er is gebeurd. Het opvangteam belt ook na de gesprekken om te checken of je nog problemen hebt en of ze je daarmee kunnen helpen. Helaas hebben we behoorlijk veel collega’s met PTSS. Het moment dat ik het gevoel krijg dat alles te dichtbij komt, zal ik ook zeker stoppen. Je kunt andere mensen dan niet goed helpen. Gelukkig helpen en zorgen we voor elkaar bij de politie. We snappen elkaar immers heel goed. We maken allemaal hetzelfde mee.’

Heeft u het gevoel dat uw werk gewaardeerd wordt door uw collega’s en de Houtenaren?
‘Bij de Houtenaren weet ik dat nog niet, want ik ben pas sinds augustus wijkagente. Ik vind ook dat waardering niet je drijfveer moet zijn. Toch wil ik mensen graag uitleggen wat we doen en waarom we dat doen. Dit doe ik vooral via Facebook. Wijkagenten zijn echt wel bezig met Houten. Sommige mensen reageren heel positief en zijn blij met je uitleg, anderen komen met negatieve reacties. Dan zeggen ze: “Ga boeven vangen”. Maar dat geeft niet. Als je niet tevreden bent, kom dan langs. Misschien heeft u ideeën of tips.

De politie komt soms heel negatief in het nieuws. Een krantenkop kan heel suggestief zijn. Je kunt zeggen: “De politie schiet een man neer, nadat die mensen heeft bedreigt’’, maar in plaats daarvan zeggen ze: “Politie schiet man neer’’. Wat er vooraf gebeurde wordt onderbelicht. Ik voel me dan gefrustreerd. Het voelt alsof sensatie belangrijker is dan de feiten. Daarom wil ik mijn verhaal vertellen. Ik hoop dan niet op waardering, maar begrip.’

Wat is het verschil tussen het politiewerk van vroeger en nu?
‘Het werk op straat is nu moeilijker. Mensen zijn mondiger geworden. Ze willen alles weten. Mensen worden boos als je zegt dat niemand erdoor mag. Tegenwoordig kruipen mensen gewoon onder het afzetlint door. Ik kan mensen niet duidelijk maken dat zij er niet door mogen. Ook worden mensen agressiever. Ze kunnen veel makkelijker naar middelen grijpen. Voor een paar euro heb je al pilletjes, en je weet niet wat dat met iemand doet. Mensen worden beresterk of springen uit het raam. De maatschappij is verhard. Mensen worden egoïstischer. Soms lees je verhalen dat iemand drie maanden dood in zijn flat heeft gelegen. Mensen hebben zoiets van “Ja, er woont iemand boven me, maar wie weet ik niet”. Het lijkt alsof het hen niets interesseert. Ik vind dat bizar. Het baart me zorgen. Ik vind dat je voor elkaar hoort te zorgen.’

Wat maakt iemand een goede wijkagent?
‘Dat zijn verschillende dingen. Een wijkagente moet bijvoorbeeld goed bereikbaar zijn. Ik ben niet alleen bereikbaar in Houten zuidwest, maar ook via Facebook en Twitter. Mensen zeggen wel eens “Ik zie de wijkagent nooit.” Maar wij hebben een systeem dat laat zien waar we hebben gereden. Ook vind ik het belangrijk dat je weet wat er in je wijk gebeurt. Ik lees alle reportages over Houten zuidwest. Je bent voor alles verantwoordelijk in je wijk. Denk maar aan veiligheid, leefbaarheid en het milieu. Je bent een beetje een duizendpoot.’